Een DutchMQG-lid stelt zich voor: Muriel

Hoi, mijn naam is Muriël van der Ploeg en in deze blogpost zal ik me even voorstellen. Ik woon in Leiden, samen met mijn man Frederik, zoon Emil van 18, in het weekend dochter Damaris van 20, en kat Mauries. Op de site van DutchMQG en op instagram is mijn naam muriel14.
Toen ik het laatst eens uitzocht, kwam ik erachter dat ik al elf jaar quilt. Ik begon eraan omdat ik de mooiste quilts tegenkwam op blogs van Amerikaanse crafters zoals Amy Karol (Angry Chicken), Hillary Lang (Wee Wonderfuls) en Alicia Paulson (Posie gets cozy). De eerste quilt die ik maakte was een poppenversie van een quilt uit het boek ‘Bend the Rules Sewing’ van Amy Karol.
Bij het maken kwam ik wel voor een paar raadsels te staan: hoe krijg je die drie lagen van de quilt sandwich netjes en geleidelijk door je machine en ‘attach the binding’, ja leuk, maar ‘wat is dat?’ en ‘hoe dan?’. Door  quiltalongs te volgen, gratis block tutorials te proberen, soms een patroon te kopen, ook wel eens iets uit te halen dat mislukt was, heb ik alles uitgevogeld en geleerd. Selftaught, maar dus eigenlijk met behulp van alles wat er op internet te vinden valt, heb ik leren quilten.


Ook via internet (Flickr en later Instagram) vond ik groepjes om me bij aan te sluiten. Bee Europa was voor mij heel belangrijk: je kreeg stof toegestuurd en een block tutorial via internet. Daar heb ik een aantal jaar aan meegedaan en heb ik heel veel van geleerd. Ook de Cocorico bee was heel speciaal, met vooral ontzettend veel creativiteit in de blokken. Iemand verzon een thema voor haar quilt en daar maakte iedereen naar eigen inzicht een blok bij voor haar.

Mijn thema was Pippi, en ik heb de meest geweldige blokken ontvangen. Wel spannend om die vervolgens aan elkaar te naaien en te gaan quilten. Dat laatste moet dan ook nog gebeuren (één van mijn WIPs). De online quilting bee waar ik op dit moment nog bij zit (al sinds 2010) is Do Good Stitches. Dat is een charity bee, we maken dus quilts voor het goede doel; op dit moment vaak voor kinderen die door het Leger des Heils worden opgevangen.

Op een gegeven moment vond ik via internet ook in Nederland wonende quilters. We spraken met elkaar af en nu vormen we al een tijdje de groep Double Dutch. Om het half jaar komen we bijelkaar voor een quiltdag, waar we samen aan onze projecten werken, show-and-tell doen, altijd een ugly fabric swap en kletsen, natuurlijk.
Met Double Dutch en ook met de Kingfisher Quilt Bee in Den Haag (onderdeel van DutchMQG) zijn we bezig met Roundrobin quilts. Ooit heb ik dit op Flickr gezien en aan meegedaan. Ik vond het zo’n leuke uitdaging voor je creativiteit dat ik dit heb geïntroduceerd bij de twee groepen. Het gaat zo: iedereen die meedoet maakt een startblok voor haar (of zijn) quilt. Per post of op de bee geef je het blok aan iemand anders en die maakt er een rand omheen of nieuw deel aan vast. Zo gaat ieders blok de hele groep langs en heb je uiteindelijk een unieke en speciaal voor jou gemaakte quilttop. Het is een heel leuk proces en de resultaten zijn geweldig.


In deze beschrijving van mijn quiltervaringen heb ik het vooral over de sociale kanten (al dan niet via social media) van het quilten gehad en dat vind ik ook een van de leukste dingen van het moderne quilten. Je zit misschien vaak alleen te werken aan je quilt, maar anderen zijn ook met dat project bezig via een online quiltalong, of iemand maakt iets voor jou en jij weer voor diegene via een swap, bee of roundrobin. En natuurlijk alle ‘likes’ die je krijgt als je iets afhebt en het deelt op internet, die krijg je niet als je het alleen aan je familie laat zien 😉

Dit ronde quiltje heb ik gemaakt nadat ik geïnspireerd was geraakt bij een workshop van Anna Maria Horner:


De quilttop die ik dit jaar heb gemaakt in de online Mighty Lucky Quilting Club:


Mijn meest recent afgemaakte quilt:

Een DutchMQG-lid stelt zich voor: Françoise

Handwerken is voor mij iets dat onlosmakelijk verbonden is met het dagelijks leven. Zo lang ik me kan herinneren ben ik bezig met naald en draad. Hierbij moet je denken aan breien, haken, borduren, naaien en patchwork/quilten. Als zesjarige breide ik een sjaal voor mijn beer, ik zie me nog zitten op de bank  met restjes garen. Als negenjarige haakte ik mijn eerste kledingstuk en als tienjarige naaide ik samen met mijn moeder een patchworkkleed met vierkantjes die we kochten bij Laura Ashley. Ondertussen borduurde ik etc. etc. Als tiener breide ik heel wat truien tijdens de les op school (dat ging verveling tegen). Mijn moeder was handwerkjuf en materiaal en voorbeelden waren er dus voldoende in huis. Je kon altijd aan de slag. Als je op zondag bedacht dat de barbies nieuwe kleding nodig hadden, dan kon dat
ook meteen.

Detail: New York Beauty, 2001

Op een gegeven moment raakte mijn moeder geïnteresseerd in quilts: in 1992 bezochten we samen de Quilt Expo in het Congrescentrum in Den Haag en rond die tijd werd ze ook lid van het Quiltersgilde. Ik las Quiltnieuws altijd als ik thuis kwam en werd in 1994 ook lid. In die tijd was ik een allesvreter wat handwerken betreft, maar merkte al snel dat patchwork het leukste was: een patroon werd meteen eigen omdat je eigen stof kon kiezen en makkelijk kon afwijken van het gegeven patroon. Iets wat me niet lukte bij die gebreide trui of het borduurwerk.

In 1996 was er een vacature voor redacteur van Quiltnieuws, het verenigingsblad van het Quiltersgilde.  Dat leek me leuk, al was ik enigszins terughoudend gezien het hoge grijsgehalte dat ik altijd zag op regiodagen. (iedere bezoeker buiten mijzelf was minstens van mijn oma’s leeftijd, niet eens die van mijn  moeder…). Maar er waren nog meer twintigers die dezelfde gedachten hadden en met een jong team heb ik vijf jaar met veel plezier dit blad vorm gegeven. Daar ligt meteen ook de kiem voor de enorme hoeveelheid kennis die ik heb opgedaan. We ontdekten en beschreven technieken, maakten voorbeelden, reisden vele tentoonstellingen af en ik legde veel contacten.

Detail: Mysterie Bloemenpracht, 2007, veel wiskunde

Naast een full-time baan was quilten dus dagelijks in mijn bestaan aanwezig. Er was nog geen sprake van e-mailen met elkaar: alles ging per telefoon of fax. Drukproeven kwamen per post binnen. En door al die contacten, nieuwe vriendschappen en inmiddels een andere baan, kwamen er de kriebels om van patchwork en quilten ook werk te maken. Dat resulteerde in een winkel in ’s-Hertogenbosch. Een winkel vol frisse stoffen, bruin, beige en ecru waren nauwelijks te vinden. Klassieke patronen werden omgezet naar eigentijdse ontwerpen en nog steeds hoor ik vriendinnen zeggen dat het “typische Françoise kleuren” zijn.

Tussen 2005 en 2012 ontwierp ik elke jaar een grote mysterie quilt. Fantastisch om al die verschillende eindresultaten te zien. Elke deelnemer had zijn eigen stoffenpakket, zelf of samen vastgesteld. De pakketten waarbij iedereen hetzelfde maakt…daar krijg ik de kriebels van.

Detail: Mysterie Patch Parade, 2010

In 2012 sloot ik de winkeldeuren. In die jaren heel veel stoffen in handen gehad, heel veel mensen leren quilten, zowel met de hand als de machine en altijd mijn keuze voor heldere, frisse kleuren trouw gebleven. Er kwam toen ruimte voor de publicatie van een boek, samen met Maaike Bakker: A paper-pieced Garden: in alle quilts zie je paper piecen in combinatie met applicaties. Wat een werk is het schrijven van een boek, maar ook wat een voldoening…

Detail: Rondedans, 2012, restverwerking

En toen het quilten weer hobby werd, kwam er ook weer ruimte voor haken en breien en door alle ontwikkelingen van social media en mijn eigen ontwikkeling, kwam ook hier ruimte voor het zelf ontwerpen en het aanpassen van patronen.
Het quilten moet dus een beetje plaats maken voor andere zaken: er zijn nog steeds te weinig uren in een dag om alles te doen wat ik zou willen doen. Met moeite heb ik tijd om eens rustig achter de naaimachine te zitten: het zijn wat gestolen momenten en dat schiet niet op voor enige productie.

work in progress, 2018

Terwijl ik dit typ, zie ik schuin achter mij de blokjes liggen voor de charity quilt, ik hoop dat ik er daar nog iets meer van kan maken voordat de deadline er is…niet alleen een schaarste aan tijd, maar ook een vervelende blessure aan mijn rechterarm noodzaken mij om zeer beperkt te handwerken/computeren en met mijn mobiel aan de slag te zijn. Eigen schuld: teveel gedaan van hetzelfde… De lapjes blijven dus altijd trekken, ontwerpen altijd met een schuin oog naar het verleden. Moderne quilts vind ik zeer inspirerend, met name het kleurgebruik vind ik een verademing. Het ontwerpen verdient nog wat verdieping, maar dat gaat zeker komen.

Françoise Maarse

Een DutchMQG-lid stelt zich voor: Marly

The first patchwork quilt I ever touched I had made myself.

Mijn naam is Marilyn Rijlaarsdam, op Social Media bekend als Marly Rylaars. Ik ben 71 jaar en woon in Rijswijk. Van beroep was ik ooit onderwijzeres, maar sinds ik in 1975 naar Nederland kwam tot afgelopen april, ben ik werkzaam geweest als taaltrainer Engels. Dat betekende hoofdzakelijk coachen op het gebied van vergaderen, brieven, presentaties etc.

Handwerk is mijn hele leven mijn hobby geweest: ik kon breien toen ik 4 was, borduren toen ik 6 was, en naaide mijn eerste kledingstuk toen ik 10 was. Later heb ik haken, spinnen, weven (op een raam) en zelfs kantklossen geleerd.

Ik groeide op in een familie zonder patchwork. Patchwork hoorde niet bij ons! Er waren een paar wholecloth quilts, ooit door mijn moeder gemaakt voor haar uitzet maar, terwijl ik wél met haar leren vingerhoed heb gespeeld, heb ik haar nooit zien quilten.

De eerste patchwork quilt die ik in mijn handen had, had ik zelf net gemaakt. Ik had natuurlijk foto’s gezien, dus wist ongeveer wat het moest worden. Maar, meer wist ik niet; het was een kwestie van zoeken en ervaren. Ook vragen aan de assistente bij het Leids Textiel Centrum waar ik voor de vulling ging, en, op haar advies, ook de nodige snijmat, liniaal en rolmes kocht. De aanleiding hiervoor? Mijn toen zeven maanden zwangere dochter had mij gevraagd om een quiltje te maken voor haar baby. Ik kon kleren naaien, dus waarom niet een quilt? Twee maanden zou lang genoeg zijn. Ik had een werk-project toen in Rotterdam en wist een modestoffenzaak op de Coolsingel te vinden; binnen een maand (augustus 2005) waren een paar honderd vierkante blokjes van 7 cm gesneden, in lange slierten genaaid, en de slierten aan elkaar. Passende punten? Dat zou zoeken zijn; alle banen zijn recht, maar onderling niet. Ik heb het in jaren niet gezien maar ik denk dat er geen één echt net “kruispunt” is.

Volgens het tweedehands “Handboek Quilten” (Cantecleer) gevonden bij De Slegte (eveneens op de Coolsingel) werd het quiltje van backing en vulling voorzien. Ik had op Internet gezien dat er op de naaimachine gequilt kon worden, dus begon gewoon met mijn universele voet een diagonale baan over de vierkantjes te naaien. Toen merkte ik als eerst het nadeel van niet accuraat de puntjes naaien – kiezen tussen diagonaal door de niet passende puntjes of diagonaal over de hele quilt. Pas aan het einde van de naad zag ik hoe krom alles was gaan liggen, en hoe klein de steekjes waren! Het werd uithalen (wat een klus!) en met de hand quilten, “in the ditch”. Ik denk dat het arme kind vijf jaar oud was voor dat het af was! (Twee maanden!) Toen was het veel te klein! Ze heeft het nog, en gebruikt het als lap quilt nog steeds.

Mijn eerste quilt was dus meer vallen dan opstaan, toch had ik de smaak te pakken. Ik had zo veel al geleerd dat ik besloot voor mijn 65ste verjaardag een nieuwe machine, mét boven transport (die uit 1983 was een te oud model) aan te schaffen en quilting zou mijn uitdaging voor de oude dag worden. Dus in 2012 schoof de Bernina Nova 900 naar de reservebank en de Bernina 440 QE maakte haar entrée. En het avontuur kon beginnen.

Na een paar maanden aanmodderen aan een quilttop, gemaakt van oude kleren en restjes van kledingstoffen, begon ik te quilten. Het werd niets, hoofdzakelijk door het ielig effect van het garen: Guttermann Polyester, wat ik voor het maken van kleding gebruikte. Toevallig zei ik er wat over op mijn werk en een collega vertelde dat er een speciale quiltwinkel in Den Haag was, ergens bij de Wassenaarseweg! “Daar kunnen ze je vast adviseren.” Een quiltwinkel? Daarvan had ik nóóit gehoord! Zo kwam ik bij Quilters Palet, en heb me daar ingeschreven voor de basis cursus die in september begon, onder leiding van Jobina de Boer. Daar heb ik héél veel geleerd, met weinig vallen maar vooral opstaan, en stijgen!  Bij Quilters Palet heb ik nog een aantal workshops gevolgd.

Tijdens de duur van de basis cursus al heb ik wat andere projecten gemaakt, onder meer deze 2.00 x 0.65 cm. dubbelzijdig quiltje, voor het raam in de voordeur.

inside

outside

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mijn eerste moderne quilt: vele kleuren, wit achtergrond. Wat een opluchting!

Jobina heeft tijdens de basis cursus het belang van labels benadrukt. Dat kwam nu goed uit, want nu weet ik dat ik in 2013 in tijdnood kwam tijdens het maken van een Divided 9-patch lap quilt (tutorial Missouri Star Quilt Company) voor de verjaardag van mijn man.

Ik kon een paar maanden niet naaien, doordat ik aan beide carpaal tunnels was geopereerd. De quilt moest natuurlijk geheim blijven, maar wij hadden toen ook een hittegolf, hij had een tropenrooster, en kon dus ieder moment na 13:00 en uur onverwacht ‘thuis komen, in plaats van om 16:30. Ik zat in korte broek op het balkon de binding met de hand vast te naaien, met de deur zowel van mijn kleding kast als van de slaapkamer open, klaar om alles op te rollen en erin te proppen. Ik ontdek vaak dat ik andere gebeurtenissen associeer met het handwerkproject waarmee ik toen bezig was. Daardoor zijn quilt labels een goede geheugensteun geworden.

Deze periode van zwakke en pijnlijke polsen was een periode van geen handwerk, geen gewoon toetsenbord gebruik, geen pen vasthouden (laat staan schrijven) en dus niet werken, maar gelukkig had ik een I-pad en de soft-touch keyboard was bedienbaar. Zo heb ik quiltblogs ontdekt; ik kon de hele dag advies van meer ervaren quilters opzuigen. Terwijl ik geen stof kon snijden, heb ik een FQ bundel gewonnen in een “giveaway” van Quiltmaker. QALs en Mystery quilts kwamen langs, en mijn handen jeukten! Ik besloot om met de mystery van Bonnie Hunter mee te doen en moest ervoor zelf een blog beginnen. Ik had nu een gemeenschap van quilters ontdekt, grotendeels in de VS weliswaar, maar een gemeenschap! De tijd van alleen aanmodderen was voorbij!

Ieder jaar doe ik mee aan de Rainbow Scrap Challenge, alhoewel ik het in het eerste jaar mijn “scrap” moest kopen, in de vorm van nieuwe fat quarters! Mijn voorkeur gaat nog altijd uit naar FQs, en hoe meer stoffen in een quilt hoe beter! Sommige jaren heb ik meegedaan met de RSC sampler, met instructies voor meerdere blokken per maand, maar ook mijn eigen blokken gemaakt in de kleur van de maand.

Twee jaar geleden ben ik aan mijn “Mondriaan quilt” begonnen. “Begonnen”, want het is een UFO geworden na het lezen van een onrustbarend  artikel over copyright in “Quiltnieuws” van het Quilters Gilde. Men vertelde daar dat het zonder toestemming reproduceren van andermans artistieke voorwerpen, in wat voor medium dan ook, een schending is van copyright. Niet alleen het precies kopiëren, maar ook het onmiskenbaar geïnspireerd zijn door een andere werk. Ik vind het moeilijk te geloven dat voor al die “Mondriaans” die in het Mondriaan Jaar (vorig jaar) als paddenstoelen uit de grond schoot toestemming is verleend. De copyright issue heb ik niet verder onderzocht en mijn “Red, Yellow and Blue” blijft in zijn doos.

Zonder Internet was ik nergens met mijn patchwork. Daar heb ik inspiratie gevonden in blogs:

Plus tafelloper, tutorial van Exuberant Color (Wanda Hansen),

 Modern Maples, idee gezien op verschilende blogs

Poinesettas, QAL van Spring Leaf Studios (Anne)

Voor mij is het sinds ik in 2012 mijn nieuwe machine kocht een reis die nog niet af is. Ik heb niets herhaald; ieder quilt is een nieuwe, met nieuwe uitdagingen. Het eerste quiltboek dat ik kocht (2013) was Lucie Summers’ “Quilt Improv” waaruit ik niets heb gemaakt, maar veel ideeën heb gehaald. Vorig jaar kocht ik “Quilting Modern” van Jacquie Gering en Katie Pedersen, en Sherri Lynn Woods’ “The Improv Handbook for Modern Quilters”.  In dit laatste vind je geen patronen, maar richtlijnen en advies voor het zelf uitvinden. Echt een uitdaging! Deze drie boeken zijn mijn favorieten uit mijn collectie dat nu 60 cm boekenkast in neemt. Uit die 60 cm heb ik veel van geleerd, maar weinig  gemaakt. Ik ben daar tevreden mee: ik heb geen schuldgevoel. Het zijn KIJKboeken en ze brengen me op ideeën.

Hier is mijn “Floating Squares” top, gemaakt naar aanleiding van Score 1 in “The Improv Handbook …”

 

Dit is niet mijn eigen idee, maar een oefening in “freeform cutting” en piecing. Er is geen patroon, maar ik heb wél limieten aan de vorm en afmetingen gesteld aan het begin van ieder blok, en aan de kleuren, hoewel dat niet meteen duidelijk is; er zijn steeds twee contrasterende kleuren en een “filler fabric” (eerst zand, dan donker groen, en later licht grijs).

De eerste blok ligt nu links boven en de tweede ernaast, maar de blokken kennen geen harde grenzen; mijn bedoeling was om ze zo veel mogelijk in elkaar over te laten vloeien. Dat was een uitdaging aangezien ze allemaal eindigden met een andere formaat en veel ”partial seams” waren nodig. De volgende keer maak ik de blokken tot een standaard maat zonder de “doorstroming” te beïnvloeden. Een tweede uitdaging was het bereiken van evenwicht in de layout, wat ik denk aardig gelukt is.

De hele oefening was bevrijdend met een gevoel van “het past niet? So what; máák het passend!”, en het ging ontzettend snel. Ik genoot van de vrijheid! Dit wacht nu op mijn uitwerking van Score Two, dat de backing stof gaat leveren, en dan quilten met uitwaaierende rechte lijnen.

De cirkel lijkt rond. Dit improv top lijkt veel op mijn eerste quilt van 5 cm vierkantjes: geen hoek past precies. Maar er ligt een wereldreis tussen: een reis in technieken maar ook in houding; een reis door de vragen wat moet, en wat mag. Het is een ontdekkingsreis.

 

Bon voyage!

 

 

 

 

Een DutchMQG-lid stelt zich voor: Deveney

Hallo allemaal!

Ik ben Deveney. Mijn beurt om me even voor te stellen. Op social media kun je me vinden als deveney093 en hier op het forum gewoon als deveney. Ik heb ook een blog: www.hetnaaldbos.blogspot.com

Ik quilt sinds 2014, maar handwerk al zolang ik me kan herinneren. Ik leerde borduren van oma en al snel volgden andere hobby’s als haken, breien en naaien. Ik vind alles leuk om te doen, als ik maar bezig ben met mijn handen. Nog steeds leer ik het liefst nieuwe technieken. Nu ben ik vooral bezig met quilten. Niets fijner dan onder een zelfgemaakt, warm, zacht dekentje kruipen en een leuke film of serie kijken.

Het begon bij mij allemaal bij YouTube. Behalve oma kon ik niemand die van handwerken houdt en dus leerde ik alles zelf via filmpjes online. Per ongeluk kwam er een filmpje voorbij van een disappearing nine patch en ik was meteen verliefd. Ik bestelde online een saaie bruine 😉 stoffenbundel en leende een naaimachine. Even oefenen met een kussentje en de deken zat zo in elkaar. Het quilten was een wat ingewikkelder verhaal op mijn kleine bureautje. Ik was super trots, had er enorm veel plezier in gehad, maar echt mooi vond ik hem niet.

Dat jaar ging ik naar een beurs in Rijswijk en die viel toevallig samen met de quiltbeurs, dus daar nam ik ook meteen maar een kijkje. Prachtige stands met enorm veel quilts, maar toch allemaal klassiek en bruin, behalve 1. Toen begon de verslaving pas echt. Ik had geen idee dat er ook van die felle stoffen waren met leuke prints. Ik kocht een kleine bundel van Tula Pink en een van Art Gallery. Geen idee wie dat waren en maakte deze quilt met inmiddels een eigen machine.

Ik had geen idee wat ik aan het doen was, de kleuren zitten bij elkaar en ik wist niet eens of ik genoeg stof had. Voor het patroon heb ik weer een filmpje gebruikt: exploding block. Gewoon maar begonnen met knippen en de stapjes volgen. Tot op de dag van vandaag is dit nog steeds mijn lievelingsquilt en de enige die op mijn bed ligt.


Daarna volgden er heel snel nog meer quilts. Voor een nieuwe quilt word ik meestal verliefd op de kleuren of op de vormen van het patroon, ook regelmatig op die van klassieke quilts ;-). Pinterest en Instagram zijn dan ook erg gevaarlijk! Ik kan me er zo uren in verliezen en de wensenlijst blijft maar groeien. Zo gaat het in ieder geval nooit vervelen :p De lijst van favoriete quilters is ook lang, maar ik word enorm geïnspireerd door een aantal dames die het hebben aangedurfd om full-time te gaan ontwerpen. Hun quilts zijn simpel en modern, maar de vormen en het kleurgebruik maken ze enorm bijzonder: Emily Dennis van Quilty love, Suzy Williams van Suzyquilts en Meghan Buchanan van Then Came June.

Dit is mijn laatste nieuwe quilt. Spectrum, een gratis patroon van Art Gallery.

Ik ben enorm blij dat ik deze vereniging gevonden heb en dat ik daar ook mijn steentje aan mag bijdragen. Ik hoop dat we mensen kunnen laten zien dat quilten een leuke hobby kan zijn voor alle leeftijden!

Groetjes, Deveney

P.s. voor de komende maanden zijn we op zoek naar leden die het leuk vinden om zich voor te stellen en een kijkje te geven in hun quiltgeschiedenis. Lijkt je dat leuk? Mail dan naar info@dutchmqg.nl, dan krijg je een vragenlijstje ter inspiratie en een datum waarop je tekst ingeleverd moet zijn. 

Een DutchMQGlid stelt zich voor: Hilda

Naam: Hilda de Wit

Blog: lapjesland.wordpress.com

Naam op social media: hilda_dw  sinds kort op Instagram, hoewel ik soms niet zo erg actief ben in berichtjes maken en foto’s plaatsen.

Nu ben ik gevraagd om een stukje te schrijven voor het blog “Leden stellen zich voor”, maar dat is nog niet zo makkelijk. Terug kijkend op m’n “carriere” als quilter (hahaha) lijkt het wel een lappendekentje op zich van gebeurtenissen en ontwikkeling…. Gelukkig heb ik de vragenlijst gekregen en daar maak ik graag gebruik van.

Het quilten is een paar keer langs me heen gegaan voordat ik er daadwerkelijk mee bezig ging. Toen ik tiener was kreeg ik een quiltpakketje van een theemuts uit de Ariadne cadeau op Sinterklaas en de kartonnetjes heb ik nog, maar toentertijd bleef het daarbij. Vele jaren later, toen we met ons gezin uit Leeuwarden naar Brabant verhuisden, ben ik eens naar een quilttentoonstelling in het Hazzo geweest. Ik was totaal verrast door wat ik zag en onder de indruk van de Artquilts. Ik had leuke gesprekjes met onder andere Ada Honders en Olga Prins- Lukowski en heb twee lapjes stof gekocht en een catalogus van
European artquilts. Daar bleef het aanvankelijk bij totdat ik door gebitsproblemen moeite kreeg met klarinet spelen, iets wat ik veel in m’n vrije tijd deed naast gezin, mantelzorg en vrijwilligerswerk, en nu wat meer tijd en oog had voor iets anders. Kortom, ik besloot me uit pure nieuwsgierigheid es op te geven voor een quiltcursus bij het Nivon. Eigenlijk gingen we vanwege de wandelpaden, natuurvriendenhuizen en kinderkampen naar het Nivon, maar er zijn ook tal van cursussen en ik heb in de loop der jaren vanaf 2009 een aantal quiltcursussen, steeds o.l.v. Annie Cornelisse, gevolgd. Na de eerste cursus was ik al enthousiast. Het bracht tal van herinneringen boven aan het naaien en iets maken zoals ik dat vroeger als kind beleefde. Het handwerken heb ik van mijn oma geleerd en van haar mocht ik op haar naaimachine naaien. Heerlijk spelen met stof en kleur! Bij de cursus leerde ik vooral de basisbeginselen van het quilten en een aantal

 

technieken, waaronder de Japanse vouwtechniek, de log cabin, het New York beautypatroon, paperpiecing, allerlei tasjes en kussenhoesjes maken en in de laatste cursus de introductie van intuitieve werkmanier van Jean Wells. (de quilt die op de tentoonstelling in Nieuwegein hing heb ik toen gemaakt, zie foto helemaal onderaan links). De cursussen zijn gestopt in 2015, er is nu alleen de mogelijkheid om gezamenlijk een midweek te quilten zonder les.

  

In ‘t begin werkte ik meestal met de hand en zo ontstond ook m’n eerste quilt, voor mijn dochter. Het is gemaakt van stof uit een scrapbag (Kate Spain) met een patroon, de doos van Pandora, uit een boek van Sarah Fielke. In 2012 kocht ik een nieuwe naaimachine en dat veranderde mijn manier van werken, want ik ging helemaal op in het naaien met de nieuwe machine. Na verloop van tijd bedacht ik dat ik nu kon kiezen of ik iets met de hand of met de naaimachine zou gaan maken. Eigenlijk doe ik het allebei graag en nu wissel ik het nogal eens af. Het eerste naaimachineproject na de quilt voor Mirjam was een quilt met veel Kaffe Fassett stoffen en het patroon komt uit zijn boek Kaffe Fassetts V&A quilts, hoewel het iets in uitvoering is gewijzigd. Het heet de “baby bricks quilt” en dat quiltpatroon is weer geïnspireerd op een oude quilt uit de collectie van het V&A museum, gemaakt van kleine strips. Ook kunst inspireert me en werk van Bridget Riley, Sophie Taeuber- Arp en Sonia Delaunay vind ik geweldig mooi. Van de laatste heb ik een schilderij nagemaakt in de vorm van een kleine quilt, omdat ik de beweging in het beeld zo mooi vond en uit wilde zoeken hoe zoiets tot stand komt. Deze quilt hangt boven m’n werktafel.

 

Daarna volgde een quilt met wat zwaardere stof, snijresten van geweven Saristoffen, gecombineerd met een paar Kaffe Fassett stoffen. Deze is uit het boek “Beken kleur” en is eigenlijk een yogamatje. Op de een of andere manier zijn deze twee tot dusver m’n “lievelingsquilts”, geen idee waarom precies. Er zijn meer quilts gemaakt (en twee babyquilts ook weggegeven) en tassen, kussens, hoesjes enzo en er zijn nieuwe in de maak. Aan de ene kant volg ik soms een patroon of werk ik traditioneel en aan de andere
kant werk ik aan een paar quilts zonder een vooraf vastliggend patroon en is het maakproces intuïtiever. Of het modern is of traditioneel of meer richting artquilts… zoiets boeit me niet zo. Het plezier in “iets mooi maken” is voor mij meer wezenlijk, hoewel niet alles me evengoed lukt als ik dacht of hoopte dat het zou worden. Ik ben niet een echte pietje precies, maar gelukkig ben ik ook niet behept met verregaand perfectionisme. Niet alleen omdat er dan niets af zou komen, maar ook omdat ik de idee aanhang van “there’s a crack in everything and that’s where the light comes in”. Kortom, het mag gewoon menselijk handwerk blijven en wel zo dat het iets van de aard van de maker laat zien.
In de loop der tijd ben ik lid geworden van het Quiltersgilde, quiltbee de Cultestickers en van het Dutch modern quilt guild. Ik vind het heel leuk en stimulerend om contact te hebben met quilters en naar regiodagen en gettogethers te gaan als ook om quilttentoonstellingen te bezoeken. Het is inspirerend en gezellig! Ook de uitwisseling van kennis en ervaringen vind ik verrijkend en af en toe doe ik mee aan een uitdaging, een quiltalong of feestelijkheid (bijvoorbeeld een jubileumquilt of blok) en maak een blok of quiltje. Met het DMQG heb ik voor het eerst mee gedaan aan een quilttentoonstelling en in het voorjaar deed ik mee aan de Pantone Challenge, zeker weer wat ervaring rijker!

 

Af en toe surf ik graag op internet en lees ik blogs. De leukste vind ik Entropy always wins (van Hillary Goodwin), quilteuse forever, de website van het Engelse quilt guild, Factotum-of-arts.com, de website van Berthi Smit- Sanders, Kathleen Tracy, Temecula quilts en een aantal Nederlandse weblogjes van de blogrol van het Quiltersgilde.
Ideetjes doe ik op van de sites en blogs, maar ook uit tijdschriften en boeken. De boeken van Jean Wells, Gwen Marston, maar ook Karin Pieterse, Kathy Doughty en Katherine Guerrier spreken aan. Helaas is het niet zo dat ik te weinig ideeën heb…. het is eerder teveel en ik moet mezelf afremmen om niet steeds aan iets nieuws te beginnen. Op technisch gebied denk ik dat er nog veel te leren valt, vooral als het gaat om doorquilten zowel met machine als met de hand. Nu, dit is het voorlopig wel.

groetjes, Hilda

Een DutchMQG-lid stelt zich voor: Liesbeth

Naam: Liesbeth 
Naam op de DutchMQG-website: liesbethtjaa
Naam op social media: liesbethtjaaquilts op Instagram

Hoe lang quilt je al? 
Ik quilt nog niet zo verschrikkelijk lang. Ik geloof dat het maart 2017 was toen ik voor het eerst een quiltwinkel binnenstapte, de winkel van Merel in Amsterdam. Quilten kende ik vooral als iets met gedempte, ouderwetse kleuren. En dat trok me niet. Terwijl ik toch van huis uit omringd was door textiel en handwerken! Mijn moeder naaide, mijn oma’s breiden de meest mooie truien en mijn tante borduurde. Ik borduurde zelf ook, ik ging al snel patronen van Heaven and Earth Designs borduren, geen samplers maar moderne ingewikkelde patronen. Mijn schoonmoeder was kunstenares van beroep, maar quiltte voor haar hobby. Wel met mooie kleuren, maar met de hand.
Op een dag schreef een borduurblogster iets over quilten en toen was mijn interesse gewekt. Zij was van mijn eigen leeftijd! Maar de meesten deden het met de hand en dat trok me echt niet. Plus die gedempte kleuren weer… En toen kwam ik op YouTube tutorials tegen over quilten met de naaimachine! Ook de Quilt-cam filmpjes van Bonnie Hunter waren erg leuk en gaven mij het vertrouwen dat ik het kon. 
Mijn budget was op dat moment wat beperkt, dus ik kocht een naaimachine bij het Kruidvat, een hele tijd later op de Handwerkdagen wat lapjes, een lineaal en snijmes en ik begon dingen uit te proberen. 
Een paar maanden later was ik klaar om aan een echte quilt te beginnen! Ik stapte de winkel binnen, kocht een boek van Elizabeth Hartman en kocht wat lapjes voor een top uit haar boek. Sinds dit weekend is die top een quilt sandwich geworden en ben ik ondertussen aan 2 andere tops bezig. En ik word er zo blij van!!! Het is niet dat ik elke week achter de naaimachine zit, maar als ik naai krijg ik energie. 
Bovendien heeft het quilten me het lidmaatschap van een leuke club opgeleverd en neem ik eens per 2 maanden deel aan een gezellige bee in Den Haag!
Dit is dus mijn eerste top: ik koos vrij intuïtief de kleuren. Ik wilde heel graag iets maken met driehoeken, vooral omdat ik een liniaal van Bonnie Hunter had besteld speciaal voor driehoeken. Maar ja driehoeken zijn nou niet bepaald makkelijk voor beginners, zeker als ze ook nog niet zo lang met een naaimachine werken en best wel last hebben van perfectionisme haha. Het maken van deze top was dus weer een mooie les in loslaten en accepteren dat iets niet helemaal loopt zoals je wilt. En een lesje in het goed doorlezen van het patroon. Want uiteindelijk bleken de blokken groter dan in het patroon te zijn, als ik van te voren goed had gelezen dan had ik geweten dat de onderdelen nog hadden moeten worden bijgesneden! Daarnaast is snijden ook zo’n dingetje, dat moet je echt leren! Sommige naden zijn dus heel krap. Maar gelukkig ben ik al een stuk beter geworden. 
Inmiddels is top 2 al vergevorderd (zie de 3e foto voor een blok) en top 3 is een echte uitdaging: Delilah van Jen Kingwell, grotendeels met de hand in elkaar gezet. En ja, dat is toch wel leuk, maar ik denk niet dat ik het vaker ga doen hahaha het duurt mij iets te lang!
Blog en instagram
Inmiddels ben ik niet meer zo’n blog lezer, maar Instagram volg ik des te meer! Ik volg vooral DutchMQG leden, maar ook wat designers @victoriafindlaywolfe @sfielke @gnomeangel en bedrijven waaronder @missouriquiltco die leuke tutorials heeft.
En soms zoek ik op wat hashtags om inspiratie te krijgen.  
Omdat ik totaal onervaren ben, heb ik helaas geen briljante tips haha. Ik denk dat je bij handwerken, bij quilten je gevoel moet volgen. Je maakt voor jezelf. Als jij iets mooi vindt, dan is het ook mooi! 
Dat vind ik ook gelijk het mooie van het moderne quilten: er is veel ruimte voor heel veel smaken en stijlen. 

Een DutchMQG -lid stelt zich voor: Ine

Hallo allemaal,

Aan mij de eer om de aftrap te doen van een blog om jezelf eens uitgebreider voor te stellen. En dan meer aan de hand van je (moderne) quiltgeschiedenis en een door jou gemaakte moderne quilt.

We willen elkaar natuurlijk beter leren kennen en dat kan niet zonder het noemen van de namen waarmee je vindbaar bent.

Ik ben Ine Sweere uit Bergen op Zoom.

Op de site van DutchMQG ben ik vindbaar onder de naam “zeeuwse krab” die verwijst naar mijn verhuizing van Zeeland naar Bergen op Zoom, wat tijdens carnaval Krabbegat heet.

Ook de naam die ik op Instagram gebruik, verwijst hiernaar. Daar heet ik ineszzboz. Ik gebruik het account overigens zeker niet alleen voor quiltzaken. Ik heb ook nog andere passies.

Mijn (moderne) quiltgeschiedenis tot nu toe:

In mijn familie waren al twee quilters, en ik stond erbij en ik keek ernaar. Terwijl ik dat aan het doen was, zag ik wel dat deze twee er veel plezier aan beleefden en dat het hen bond met/aan anderen die dezelfde passie deelden. Mmmm., misschien moest ik me er dan ook eens aan wagen want blijkbaar was het toch wel erg leuk om te doen. En ik had als achtergrond mijn naaiervaring. Moest lukken, toch?

En ik ben dus eind 2010 “gewoon” begonnen met kopen van lapjes, die in het kleurenschema van de huiskamer pasten, om er een kussen van te quilten. Ienemienie blokjes ( 1 ½ cm.) werden met de hand aan elkaar gezet want ik wilde zóveel kleuren gebruiken. Ik maakte gebruik van een deel van een patroon van Kaffe Fasset. Al gelijk dus niet zo traditioneel van patroon.

En het lukte en was best leuk.

Mijn tweede quilt werd ook een kussen, van driehoekjes, waarbij de gekozen kleuren voor een berglandschap zorgden. En zo rolde het voorzichtig verder.

In 2012 werd ik geprikkeld door een boek wat ik tegenkwam: Quilts made modern van Weeks Ringle and Bill Kerr. De meer heldere kleuren en de eenvoud en daardoor kracht van het patroon was voor mij een “eyeopener”. Zoiets wilde ik ook kunnen maken!

Ik koos voor een transparant patroon waarbij de keuze van de stoffen heel belangrijk waren om een transparant effect te kunnen bereiken. En dat werd een hele zoektocht die me door het land sleepte. Van de Naaidoos in Buinen naar de Sampler in Haarlem. Die quilt is mooi geworden….alleen het transparante effect heb ik niet bereikt door verkeerde keuzes van stof te maken. Ik kan me nu nog niet voorstellen dat ik het niet gezien heb. Maar hij wordt veel gebruikt in koude nachten. En het was mijn eerste grote naaimachinequilt.

Intussen liep ik tegen prachtige handgeverfde stoffen aan waarbij de heldere, maar niet schreeuwende, kleuren me erg aanspraken. Ik hou niet van felle kleuren, heb ze liever wat meer gedekt. En ik ben gek op ton-sur-ton effecten. En dat samen is gelijk een probleem waardoor ik vaak twijfel of een door mij gemaakte quilt wel een “moderne” quilt is.

Dat werd echter bij deze geen probleem. Ik vond in een oude Burda een inspiratiebron voor deze stoffen. Het werd een rustig krachtig patroon. Vrije keuze van plaatsing stoffen en blokken waarbij ik door de plaatsing een effect van een stroming wilde bereiken. De quilt vroeg in mijn ogen om een krachtige rand, ik heb gekozen voor twee kleuren om het effect van de stroming nog wat groter te maken.

En toen moest er gequilt worden.

Help! Eens moest ik het toch durven met Free Motion.

Eerst maar eens een workshop doen in machinaal quilten én een in quiltpatronen maken passend bij de eigen quilt. Doodeng vond ik het om er daadwerkelijk aan te beginnen want ik had de lat hoog gelegd. Ook in de keuze van quilten wilde ik het effect van stroming benadrukken. Moest het doorlopen in de rand of niet? Hier twijfelde ik lang over.

Het eerste deel lukte best aardig omdat het beperkt werd tot één hoek van de quilt. Het tweede grotere deel werd een stuk moeilijker. Ik had teveel verschillende kleuren draad, teveel ideeën voor doorquilten in mijn hoofd meegenomen van de workshop en nam te weinig rust om het goed uit te werken.

Maar al doende leert men en de laatste genaaide lijnen waren de beste! Waardoor ik me afvroeg waarom ik niet voor de hele quilt hiervoor gekozen had. Deze quilt is door sommigen van jullie mogelijk gezien op de tentoonstelling in Nieuwegein afgelopen jaar.

Inmiddels neem ik al meer rust in het kiezen van de beste stof uit mijn voorraad of in de winkel, iets wat ik zeker geleerd heb bij het project van “dmqgmaakteenblokjeperweek”. En er mag best een “gekke” stof tussen zitten.

Daarbij maak ik vaak gebruik van het maken van een foto. Als je het op foto terugziet weet je  gelijk wat de beste keuze is. Of ik neem even een paar dagen afstand want dan zie je het ook beter. Natuurlijk niet als ik in de winkel moet kiezen, ik kan niet blijven slapen!

Voor keuze van doorquilten ben ik meestal al bezig als ik nog maar net met de quilt ben begonnen. Dat maakt het tot een totaalproject die me goed bevalt.

Inspiratie voor nieuwe quilts komen van: stoffen die ik tegenkom, Pinterest, collega moderne quilters via Instagram, tijdschriften Burda en Simply Moderne, en soms een boek. Ik ben fan van Zen chic. En ik ben blij met Dutchmqg om mijn moderne twist verder uit te bouwen, passend bij mijn voorkeuren en wie ik ben. Al merk ik dat ik soms wel andere ideeën heb wat een moderne quilt is en wil ik ook bij eigen voorkeuren blijven. Geen schreeuwende kleuren. Ik zie met verbazing het tempo wat sommigen van jullie aanhouden. Dat lukt mij niet.

Een leuke zoektocht met soms hindernissen! Op weg naar een nog moderner quilter en een tevreden mens met de gemaakte keuzes.

Groet aan jullie en hopelijk tot ziens

Ine Sweere

Dank je wel Ine, fijn dat je jouw idee als eerste ten uitvoer wilde brengen. Volgende maand is, als ik me niet vergis, Carla Thompson aan de beurt.