Banaantjes en krullen

geschreven door Esther (@ipatchandquilt) 

We hebben allemaal wel prachtige voorbeelden gezien van free motion quilting. Misschien heb je zelfs het al eens geprobeerd zelf te doen, waarbij je uiteindelijke werk het ‘toch net niet’  was. De vormen zijn anders, de lijn is niet vloeiend, er zitten wiebelige stukjes in, de steken zijn te klein of juist te groot. Tja, veel van deze problemen zullen verdwijnen met veel oefenen, maar er zijn ook wat specifieke oefeningen die je kunt doen om gerichter naar je einddoel te komen. 

Vooral het quilten van krullen roept frustratie op, maar ik hoop je met deze tips lekker op weg te kunnen helpen. In deze tutorial werk ik langs een horizontale lijn zodat we wat houvast hebben.

Wat heeft het quilten van een krul te maken met Nederlands meest geliefde fruitsoort? Je eerste krulletjes zullen er waarschijnlijk meer uit zien als bananen. 

Vanaf de horizontale lijn willen we een krul inzetten, maar wat er vaak gebeurt is het volgende:

  • we volgen de lijn
  • we stoppen omdat we willen nadenken over hoe we de krul willen starten
  • we bewegen abrupt omhoog en wat naar achter
  • we stoppen en komen weer terug waar we vandaag kwamen

en tada… we hebben een banaan!

Ja, als je een banaan wilde quilten, dan heb je het nu super goed gedaan. Wilde je echter een krul maken, dan kun je wel de volgende tips gebruiken.

 

Tip 1

Als je stopt op een lijn en abrupt een andere richting uit gaat, dan lijkt dat op een ‘kruispunt’ . We willen echter dat de krul vloeiend wordt ingezet. We hebben dus niet een kruispunt nodig, maar een ‘uitvoegstrook’. Vanuit de horizontale lijn bewegen we langzaam omhoog in een bocht. Het is een vloeiende beweging zonder een stopmoment. De enige plek waar je wel mag stoppen is aan het einde van de krul.

Kijk maar eens naar deze korte video. 

Tip 2

Een banaan is krom, maar hij heeft geen spiraalvorm zoals een krul die wel heeft. De lengte van de spiraal is belangrijk. We moeten dus net even wat verder draaien om een kromme lijn in een krul te laten veranderen.

Wie van jullie herinnert zich nog de film ‘ The Karate Kid’ uit 1984 waarbij de jonge hoofdpersoon Daniel oefeningen krijgt van zijn karateleraar Miyagi?  Daniel moet Miyagi’s auto poetsen met de opdracht: “Wax on, wax off”. De ronde handbewegingen van de jongen laten de auto weer schitteren in de zon. De oefening van de karateleraar is eigenlijk een spiraalvorm. Bij het quilten van krullen maken we net zo’n ronde spiraalvormige handbewegingen!

Tip 3

Er zijn verschillende manieren om een krul ‘af te maken’. Probeer eens de volgende manieren uit, zal er vast eentje makkelijker gaan dan de andere. Oefen dan eerst deze makkelijke vorm en van daaruit ga je steeds een stapje moeilijker.

Opties:

  1. Volg de lijn van de krul precies terug (‘traveling’).
  2. Beweeg op een gelijke afstand terug langs je spiraal. Er blijft een beetje ruimte tussen het eerste stuk en het tweede stuk van de spiraal.
  3. Beweeg met een iets afwijkende bocht langs je spiraal en kom terug bij je beginpunt. De krul wordt nu dik-dun.

Hier zie je het voorgedaan in een video.

 

Kies je voor Optie C, dan kun je ook nog hier eens over nadenken.

  • Je kunt aan de buiten kant van de krul terug bewegen.
  • Je kunt aan de binnenkant van de krul terug bewegen.
  • Je kunt de krul doorsnijden door een beweging aan de binnenkant in te zetten en dan over de krul naar de buitenkant te bewegen.

Dat ziet er zo uit in de video.

 

Afhankelijk van je eerste stuk van de spiraal, kun je er zelf voor kiezen de ‘binnenbocht’ of de ‘buitenbocht’ te gebruiken. Je wisselt van aanpak als je spiraalvorm een beetje anders is dan je wilde. Is je eerste stuk wat te klein, dan beweeg je terug via de buitenkant. Is je eerste stuk wat te groot geworden, dan beweeg je langs de binnenkant terug. Aan het eindresultaat kun je verder niet zien welke variant je hebt gekozen. 

Kijk maar eens goed naar de verschillen in deze video. 

In deze video zie je hoe dit er allemaal uitziet als je het op een naaimachine doet. 

Als je krulletjes er steeds anders uitzien, omarm dat dan. Allerlei verschillende krullen maakt je werk levendig. Veel plezier met krullen quilten!

 

 

Oei… hoe quilt ik deze?!

Herken je dat?

Dat je vol goede moed begint aan een project. Je bent super geïnspireerd. Even shoppen in je voorraad, stukjes snijden en je gaat lekker aan het naaien. Het ene blok na het andere, je bent echt op dreef. Binnen no-time heb je een top in elkaar, maar dan…

Ik vind het vaak lastig om te kiezen hoe ik mijn quilt ga doorquilten. Er zijn zoveel opties. Rechte lijnen of free motion quilten. Met de hand of met de machine. Welk garen zal ik gebruiken? Hoe dik, welke kleur! Door al die keuzes raak ik in analysis paralysis en voor je het weet heb je een stapeltje tops die daar maar liggen te wachten tot je eindelijk die knoop gaat doorhakken. 

Ik ben niet de enige, want er is zelfs een term voor 😉 Het komt erop neer dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Er zijn teveel opties en je kunt geen beslissing nemen omdat je ze allemaal gaat afwegen op zoek naar de perfecte keuze. 

De beste quilt is er een die af is en waar je van kunt genieten toch? Dus vandaag wil ik een tip met je delen over hoe ik ervoor zorg dat ik niet te lang vast blijf hangen. Een leuke, kleine oefening, waar we ook tijdens de gettogether in Harderwijk mee aan de slag zijn gegaan. 

 

Start een quiltschetsboek!

Ik heb er al jaren een. Gewoon een klein schriftje naast mijn naaimachine, waar ik een aantal van mijn favoriete quiltpatronen snel in heb getekend ter inspiratie. Als ik het dan even niet weet blader ik daar doorheen en kies ik er een uit. Dat helpt omdat het aantal opties zo een stuk kleiner wordt!

Hoe begin je zo’n journal? 

Pak gewoon een schriftje en ga om je heen op zoek naar leuke patronen om erin te tekenen. Denk niet te moeilijk. Dit zijn een aantal plekken waar je kunt beginnen met zoeken: 

A. Vragenvuurtje

Weet je niet goed waar je moet beginnen of houdt die lege eerste bladzijde uit je mooiste notebook je tegen. Begin dan met deze opdracht. Lees de vraag en teken een schets van wat er het eerste in je opkomt. Niet nadenken, maar doen. 

  • maak een schets van het patroon dat je op je nieuwste quilt hebt gebruikt. 
  • maak een schets van een patroon dat je heel mooi vindt, maar nog niet hebt durven quilten.
  • maak een schets van een patroon met rondingen.
  • maak een schets van het patroon dat je als eerste geleerd hebt/wat als eerste in je opkomt. 
  • maak een schets van een patroon dat je hebt uitgehaald of waar je niet tevreden over was. 
  • maak een schets van een patroon wat je als opvulling/achtergrond kunt gebruiken

B. Bekijk de quilts die je al gemaakt hebt

Het is ook leuk om je in die patronen te verdiepen. Misschien kun je een figuur toevoegen, of een vorm aanpassen en zo nieuwe patronen creëren. Een van mijn favorieten is meanderen. Je kunt de grootte aanpassen aan je quilt, ik weet dat ik dat mooi en netjes kan en je kunt makkelijk uit hoeken bewegen als je jezelf vastzet. Maar ik vind het ook een beetje saai, dus pas ik het aan met kleine figuurtjes in het thema van de quilt. Ik maak bijvoorbeeld af en toe een bloem, een vlinder of een ster. En zo krijg je een leuk all-over patroon wat interessant is om naar te kijken. 

C. Zoek naar inspiratie in je quiltboeken

Deze spreekt denk ik voor zich, maar ook hier wil ik je vragen om goed te kijken. Misschien is de quilt niet jouw smaak, maar zie je er wel een leuk patroon in of een klein stukje ervan dat je kunt uitbreiden. Of misschien kom je op een idee omdat je het helemaal anders gedaan zou hebben. 

D. Kijk om je heen

Pak een wit papiertje en ga gewoon schetsen. Er zitten vast meer creatieve ideeën in je hoofd dan je verwacht. Welke vormen zie je, die je kunt omzetten tot een quiltpatroon. Het stofje van een kussen. De houtnerf op de vloer. Een mooie ronde vaas. Er is echt overal inspiratie om je heen. 

E. En natuurlijk het internet

Google, Pinterest, Facebook, Instagram. Allemaal bronnen waar je eindeloos door kunt scrollen, dus pas op. 

Je kunt natuurlijk ook een digitaal schetsboek maken op bijvoorbeeld Pinterest, maar bedenk waar je het snelst naar zou kijken als je op zoek bent naar een idee. En het is ook heel handig om het patroon al eens op pen en papier te oefenen zodat je weet hoe het in elkaar zit. Dat geeft je meer vertrouwen dat je het ook op de machine kunt. 

Twijfel je dan nog steeds?

Probeer het uit! Sanne had ook een leuke oefening bedacht voor de gettogether en dat bleek een hele geslaagde te zijn. Maak een foto van je quilt. Print die een aantal keer uit op A4 en ga er gewoon overheen tekenen met verschillende patronen en kleuren en kijk wat je er leuk uit vindt zien. 

Het lijkt zo simpel, maar het geeft je echt een goed beeld van het eindresultaat en je kunt ook makkelijker verschillende dingen testen zonder je ergens aan te verbinden. Ga er eens lekker voor zitten, gewoon schetsen en probeer echt je creativiteit te gebruiken en out of the box te denken. Zo ontstaan de beste ideeën. 

 

Je kunt natuurlijk ook altijd om hulp vragen! Plaats een foto van je quilt op het forum en wie weet met wat voor ideeën we samen kunnen komen. 

Ik ben benieuwd wat voor patronen er in jouw schetsboekje staan! En ik hoop dat dit je een beetje inspiratie en motivatie geeft om de eerste top van de stapel te halen en hem af te maken. En hoe vreselijk het ook is om steken uit te halen. Als het echt misgaat kun je altijd opnieuw beginnen.  

 

Better finished than perfect! 😉 



Het geheim van in elkaar grijpende patronen

geschreven door Cindy Vissering

Een aantal onder jullie suggereerde als inspiratie voor quilten vanuit architectuur voorbeelden van motieven in tegeltableaus, pleinen en randen. Ik kreeg afgelopen maand dit boek tweedehands in handen en ook al is het kwartaalthema architectuur voorbij, wil ik de inhoud graag met jullie delen, want dit boek leert je dat soort patronen zelf te creëren. Een boekbespreking:

Designing Tessellations – The secrets of Interlocking Patterns – door Jinny Beyer

Ik had al een keer een patroon van Jinny Beyer gemaakt en ben erg fan van de in elkaar grijpende vormen van M.C. Escher, dus ik begon met veel verwachting dit boek te lezen! Ongeveer de helft van het boek (de eerste 125 bladzijden)  gaat over symmetrie – en nu heb ik als architect best het één en ander geleerd, maar Jinny Beyer gaat hier wel heel diep op in. Om ruimte vullende patronen te maken (wat we willen voor een quilt 😉) zijn er talloze manieren om van één simpel blok fantastische patronen te maken. Jinny berekent dat één basisblok tot meer dan 500 verschillende patronen kan leiden. De leer van de symmetrie is de basis voor het ontwerpen van in elkaar grijpende patronen.

De basis 

Het basis blok waarop bewerkingen worden gemaakt, wordt een cel genoemd. De cel heeft een vorm zodat wanneer je er meerdere naast en onder elkaar legt er een vullend patroon ontstaat. Denk aan het betegelen van de vloer van je badkamer, daar wil je geen open ruimte tussen hebben. Het makkelijkste is een vierkant of een rechthoek, maar gelijkzijdige driehoeken of zeshoeken werken ook. In deze blog houd ik het bij voorbeelden van een vierkant. De eenheid die zo herhaalt kan worden wordt een tegel genoemd. Een tegel kan uit meerdere cellen bestaan – wanneer je een basis cel en een gespiegelde cel naast elkaar gebruikt bijvoorbeeld, vormen zij samen een tegel.

Zoals in het voorbeeld van de Portugese tegel: in licht blauw is de cel aangegeven. Deze cel is eerst gespiegeld (blauwe stippellijn) en vervolgens zijn deze twee samen rondom de hoek linksonder steeds 90 graden gedraaid tot het de tegel vormt.

Symmetrie

Bij symmetrie denken we vaak alleen aan een gespiegelde vorm. Maar in feite overal wanneer we eenzelfde cel op een bepaalde manier herhalen, draaien, spiegelen, flippen of verschuiven, dan is dit een manier om een symmetrie te creëren.

Jinny legt in haar boek haarfijn uit welke methoden er allemaal zijn met veel voorbeelden hoe verschillende motieven er mee te maken zijn. Ze laat naast voorbeelden uit de architectuur ook veel quilts zien, van haarzelf en van anderen uit haar bees. In die bees dagen de deelnemers elkaar uit om met dezelfde cel als basis compleet andere quilts te maken. Heel fascinerend.

Naast de vorm/ de lijnen in een cel kan een blok of patroon geheel anders ingekleurd worden zodat bepaalde vormen opvallen en het wordt weer een geheel andere quilt.

In elkaar grijpende vorm

Het geheim van in elkaar grijpende vormen is dat je aan de ene zijde van je basiscel (bijvoorbeeld een vierkant) een stuk uitsnijdt en dat aan een andere zijde weer terug geeft. Daardoor passen de stukken als een puzzel in elkaar. Hier komt dan het geleerde bij symmetrie aan de orde: dit geeft opties op welke manier en aan welke zijde het weggenomen stuk weer terug gegeven wordt. Het gaat hier te ver om alle varianten te bespreken, maar na de bewerking op één zijde gedaan te hebben, kun je op de andere zijdes een volgende bewerking doen. Dit is in feite hoe Escher aan zijn vormen kwam zoals de in elkaar grijpende Salamanders.

Reflectie

Jinny geeft bij de quiltvoorbeelden ook suggesties hoe de blokken in elkaar gezet zouden kunnen worden, maar ze kijkt daarbij naar één vorm en niet hoe ze te maken wanneer ze in elkaar grijpen. Bij sommige quilts is nog goed te zien hoe de naden lopen en die verschillen toch echt van haar suggesties. Dat is een beetje jammer.

Verder is het een fantastisch boek om te experimenteren met herhalende of in elkaar grijpende vormen. En het lijkt me een grappig idee om eens een workshop te faciliteren waarin iedereen na introductie van de mogelijkheden als uitdaging een eigen quilt ontwerpt op basis van één en dezelfde cel. Dat is redelijk eenvoudig te realiseren met plak- en knipwerk. 

Het patroon dat ik maakte van Jinny Beyer zijn de in elkaar grijpende katten, die ik tot een grote kat componeerde, zie hieronder.

 

Het boek is helaas niet meer nieuw verkrijgbaar, enkel als E-book. Jinny Beyer heeft hier op haar site een korte introductie staan.

Trapunto en faux trapunto

geschreven door Mique

Tijdens de #DutchMQGgettogether in Harderwijk oefenden we ‘s middags met de trapunto techniek. Hierbij geef je een vorm of blok van je quilt extra nadruk door meer vulling en dicht quiltwerk rondom. Trapunto is vanouds een handquilt techniek waarbij na of tijdens het quilten extra vulling tussen top en achterkant wordt gestopt. Maar het kan ook anders!! Bij deze meer moderne manier op de naaimachine gebruik je extra lagen vulling en stik je alles door op de machine. Het gaat er dan eigenlijk niet meer om hoe mooi je quiltpatroon is, maar vooral om de dichtheid van het quiltwerk. Daardoor ontstaat een ‘puffy’ effect.

Op de bovenstaande afbeelding zie je dat rondom een paar van de vormen heel dicht gequilt is. Er is ook een klein patroon toegepast dat past bij het geheel van de afbeelding. Onder de vormen zitten twee lagen (of meer) tussenvulling, rondom de vorm maar 1. Deze manier heet Trapunto. Maar wat is dan Faux Trapunto?

Faux Trapunto is wanneer je dezelfde quilttechniek toepast, met extra vulling, maar er geen vorm uit de bovenstof is verwerkt. De vorm waaromheen gequilt wordt, is op de stof getekend.

Voor dit effect zijn een paar stappen doorlopen:
1. vorm op de stof getekend,
2. een laag tussenvulling (zonder achterkantstof) is vastgenaaid door op de getekende lijn te stikken,
3. de tussenvulling rondom de vorm is weggeknipt,
4. een laag tussenvulling en achterkant zijn toegevoegd,
5. het geheel is in dit geval met 8-bochtjes doorgequilt.
Het hart komt nu lekker bol naar voren.

Op de machine
Je kunt dit perfect doen op je naaimachine met freemotion voetje. 
De volgende tips vond ik op Quiltshop-online:
– gebruik een freemotion voet met je feeddogs (transport) omlaag
– steekgrootte 0
– zet de spanning van de bovendraad iets lager dan normaal
– zet je maximale tempo wat lager, zodat je machine er niet met je werk vandoor gaat.

Voor faux trapunto kun je garen kiezen dat past bij de kleur van je top. Maar je kunt ook spelen met contrast in het garen, zodat niet alleen de vorm maar ook het quiltwerk goed te zien is. Je kunt dit ook met je gewone voetje doen. Dan stik je lijnen heel dicht bij elkaar, of je maakt heel langzaam figuren.
En natuurlijk kan het ook met de hand…..

Inspiratie?
Wil je meer zien, kijk dan eens op:

  • Youtube: Man Sewing
  • voor uitleg van de techniek hier 
  • zelfs Tula Pink heeft het er hier over

 

Thema van het kwartaal: FMQ

En zo zijn we al weer aanbeland in het tweede kwartaal van 2022…poeh he. Gelukkig konden we meteen heel goed beginnen met een echte #DutchMQGgettogether in Harderwijk. Een verslagje en foto’s volgen (hopelijk) later. 

De #DutchMQGgettogether was een heel mooie aftrap voor het thema van deze maand: Free Motion Quilting ofwel FMQ: Quilten uit de vrije hand. Dit kan zowel op een “gewone” naaimachine met een Free Motion Voetje en de transporteur (feed dogs) naar beneden als op een Long Arm machine. 

De laatste tijd zie je dat mensen ook steeds meer linialen (rulers) gebruiken bij het quilten. Noemen we dat dan eigenlijk ook nog FMQ?? Het lijkt mij minder vrij, maar zeker meer nauwkeurig. 

FMQ experts

Er is een aantal DutchMQG-leden echte FMQ experts, bijvoorbeeld Esther – @ipatchandquilt- die in 2017 maar liefst 100 verschillende FMQ patronen maakte op haar machine en er uitgebreid over schrijft (met heel veel uitleg) op haar site: ipatchandquilt.wordpress.com/. 

Maar er is natuurlijk ook de QAL van Sugaridoo, met FMQ en quilten met rulers. Via de site van Bernina vind je alle informatie en youtube-filmpjes met uitleg van verschillende patronen: blog.bernina.com/nl/author/sugaridoo/

Maar kijk ook eens op instagram bij Mique Offermans… yummy… iets van haar les tijdens de #DutchMQGgettogether komt zeker ook nog op het blog. 

Ideeën opdoen

Op het pinterestbord van dit kwartaal vind je ideeën voor patronen, maar zeker ook links naar online cursussen en lessen. Aanvullingen van jullie zijn zeker welkom! Hopelijk ontdekken we er in de komende tijd nog meer.

Ik zelf (Texheks) ben zeker geen expert…ik vind het best lastig, zeker bij een grote quilt, om de grootte van mijn steken gelijk te houden en de stof redelijk vlak terwijl ik die hele lap ook nog eens moet zien te dragen. Ik hoop dit kwartaal dus ook nog heel wat te leren 😉 

En jij? Hoe ga jij om met het quilten van je quilts? Met de hand of met de machine of misschien zelfs een long arm? Gebruik altijd hetzelfde patroon of steeds iets anders? Uit de vrije hand of rechte lijnen? Boventransport of niet? Wat is je favoriete garen? enzovoort enzovoort..

We horen en zien het graag! Leuk om weer meer van elkaar te leren…

Op instagram volgen er weer een paar leuke challenges dit kwartaal, met natuurlijk fijne prijsjes. Ennn dit kwartaal komt er weer een SWAP… favoriete activiteit van leden. Je hoort snel meer! 

Van drunkard’s path tot giant nested curves

geschreven door Kety de Kwaasteniet (@ketyquilts

15 en 16 oktober organiseer ik twee keer een workshop met Daisy Aschehoug van Warmfolk met als onderwerp “giant nested curves”.

Daisy is een moderne quilter uit de VS die in Noorwegen woont en een fascinatie heeft voor curves.

Hoe kom je daar nou bij om dat te organiseren vraag je je misschien af….

Al jaren is drunkard’s path mijn favoriete blok. De mogelijkheden zijn onuitputtelijk en ik heb dan ook verschillende quilts met dit blok gemaakt. In mijn zoektocht naar nieuwe inspiratie kwam ik op instagram de giant nested curves van WarmFolk tegen.

Wat mij bijzonder aansprak was de combinatie van improv en het werken met templates. Direct maar bestellen die dingen…. Waar ik helaas niet bij stil had gestaan waren de enorme invoerrechten als je iets besteld buiten de EU. Beetje jammer. 

Hoewel Daisy daar natuurlijk niets aan kan doen wilde ik er toch een beetje over mopperen en kijken of het ook anders kon, maar ook omdat er een lief briefje bij de templates zat, stuurde ik haar een bericht. Al snel ontstond er een leuk contact en kwamen we op het idee dat zij zelf een keer naar Nederland zou komen, misschien om templates mee te nemen, maar vooral om hier een keertje les te geven.

Ze heeft ruime ervaring met lesgeven tijdens Quiltcon, dus hoe gaaf zou het zijn als zij dat ook een keer in Nederland zou gebeuren? En misschien zouden dan er ook moderne quilters uit bijvoorbeeld België of Duistland willen meedoen? Kan het zo maar ineens een leuke meeting worden, fantaseerden wij.

Toen Rianne Nota van NannoCreative aangaf wel mee te willen helpen, was het besluit snel genomen: we gaan het gewoon doen! Veel te leuk zoiets.

Inmiddels heb ik een quilt(je) gemaakt met improv en de templates en zit er een volgende in mijn hoofd.

Miniquilt van Kety

Ik zou het super vinden als er veel meedoen, dat iedereen verslingerd raakt aan curves, we nieuwe contacten opdoen en het naar meer smaakt om dit soort dingen te organiseren. Wie weet!

Je kunt je inschrijven op mijn website:  www.ketyquilts.nl

Maar neem zeker ook een kijkje op de site van Daisy: www.warmfolk.com

Een DutchMQG-lid stelt zich voor: Marieke

Hoi, ik ben Marieke Bart en op het forum en instagram kun je me vinden als MintyMik. Ik ben al mijn hele leven creatief bezig. Kaarten maken, origami, kleien, kleding naaien, beren maken. Je kunt het zo gek niet bedenken of ik heb het wel uitgeprobeerd. De Kreadoe was het jaarlijkse uitje met mijn ouders en daar ontdekte ik vaak wat nieuws. Inmiddels heb ik wel geleerd om mezelf een beetje te beperken en houd ik het bij kaarten maken (www.destempelcoach.nl), quilten, haken en breien. 

Ik ben in 2013 begonnen met quilten. Ik zag een Block of the Month programma waarbij je elke maand een stoffenpakket kreeg. Dat leek me wel handig, want dan hoefde ik zelf niet over de stoffen na te denken. Maar gaandeweg het jaar werd het een allegaartje van stoffen en vond ik de blokken ook niet zo mooi bij elkaar. Dit werden dus een heleboel WIPs die ik ooit nog eens ga verwerken tot kussenhoezen of miniquilts.

In 2019 kwam ik de Sugaridoo Bernina QAL van Irene tegen. Die kleuren en de geometrische patronen spraken me gelijk aan. In dat zelfde jaar kreeg ik van Sinterklaas het boek Mini Masterpieces van Alyce Blyth. In elk hoofdstuk wordt een techniek behandeld en krijg je tips en tricks. Ook organiseerde Alyce in 2020 een QAL van haar boek. Door deze twee QALs heb ik veel nieuwe dingen geleerd en er een heleboel tops aan overgehouden 🙂

Vorig jaar kregen mijn broertje en zijn vrouw hun eerste kindje en wilde ik graag een quilt cadeau geven. Ik had de perfecte stoffenserie in hun kleuren gevonden, maar de prints waren redelijk groot. Ik vond het zonde dat je de tafereeltjes niet zou zien in de quilt dus koos ik voor een brick wall patroon. Ik quiltte hem door met een walking foot naar een patroon uit Walk 2.0 van Jacquie Gering. Dit boek is echt een aanrader als je je sandwich mooi wilt doorquilten maar nog niet het free motion quilten aandurft. 

Mijn tip voor de beginnende quilter: probeer veel verschillende technieken uit om er achter te komen wat je wel en niet leuk vindt. Een miniquiltje of een kussenhoes is daarvoor heel geschikt. Zo heb je snel resultaat van je werk. Ben je toe aan wat meer uitdaging dan zijn de challenges van het DutchMQG heel leuk om uit je comfortzone te komen en eens iets anders uit te proberen.

Andere quilters volg ik via instagram. Dit zijn een aantal van mijn favorieten: @emmajeanjansen, @penandpaperpatterns, @emily_dennis_ en @corinne.sovey

Een quilt-bee opstarten

geschreven door Sanne 

Het is ontzettend leuk en leerzaam om samen met andere leden van de DutchMQG samen te komen om over quilts te praten, aan quilts te werken en om ideeën uit te wisselen. Dit samenkomen noemen we een quiltbee. In de bee kan je aan je eigen quiltprojecten werken, gezellig kletsen met andere quilters, elkaar op weg helpen, nieuwe dingen leren en gewoon heel veel plezier hebben. Ook kan je als bee afspreken in een thema te gaan werken, een round robin te doen, er zijn ontzettend veel leuke ideeën.

Naast de twee-wekelijkse zoombee (1e dinsdag en de 3e zaterdag van de maand) zijn er verspreid over het land al een paar groepen die regelmatig samenkomen. Bijvoorbeeld de Kingfisher quiltbee in Den Haag.  Lees er hier meer over. 

Lijkt het jou ook leuk om deel te nemen aan een bee, of misschien wel je eigen quiltbee op te starten? Hoe pak je dit dan aan, waar moet je beginnen? Eigenlijk heb je drie “dingen” nodig: quilters, een tijdstip en een locatie.

  1. Een groep quilters

Het begint met het zoeken van een aantal mensen die bij jou in de regio wonen. Er gaat binnenkort een mail naar bees waarvan we al weten om te vragen of zij op het forum (opnieuw) kunnen delen over hun bee. We doen dat per plaats. Je kunt dan kijken wat er bij jou in de buurt is.  Of je kan zelf een nieuwe bee starten, ook hiervoor kan je een oproepje doen op het forum.   

Je kan ook in de openbare ledenlijst onderaan de ledenpagina kijken of daar mensen op staan die in je buurt wonen. Die kan je dan ook benaderen. 

  1. Een vast tijdstip voor de quilt bee.

Als je een groepje mensen bij elkaar hebt gevonden is het volgende wat je af moet spreken een locatie en een tijdstip. De meeste quiltbees spreken op vaste tijden af, bijvoorbeeld elke 1e zaterdag van de maand, of juist eens in de 6 weken. Het is wel fijn om van te voren deze afspraken te maken, zodat iedereen deze data vrij kan houden. Ook al is het natuurlijk geen probleem als iemand een keertje niet kan. 

  1. Een locatie voor de quiltbee

Het op zoek gaan naar een handige locatie kan soms lastig zijn. Het is fijn als het een beetje centraal gelegen is en afhankelijk van de leden van de bee is bereikbaarheid en/of parkeergelegenheid iets om aan te denken. Ben je met een klein groepje kan je bijvoorbeeld ook bij mensen thuis afspreken en dit laten rouleren. Informeer eens bij een lokaal buurthuis of misschien kan je wel de aula of lerarenkamer huren bij een school? 

 

Vanuit het bestuur doen wij ons best om quiltbees op weg te helpen. Het forum is opgeschoond en we gaan dit up to date houden en aanvullen.  Zo kan je zien welke bees er zijn en kan je via het forum met elkaar in contact komen als je een nieuwe bee wilt starten. Ook kan elke quiltbee dit jaar (2022) via het bestuur een taart krijgen om met wat lekkers te beginnen: je koopt zelf wat lekkers en het bonnetje stuur je naar ons op. 

 

We hopen dat er (weer) met veel plezier gequilt, gekletst en genoten gaat worden in de bees door het hele land. Hou het forum in de gaten. 

Een online-workshop volgen

geschreven door Zeeuwse Krab (@ineszzboz)

Graag wil ik jullie meenemen naar mijn ervaringen bij de workshop die ik online volgde bij Nicholas Ball (@quiltsfromtheattic). Later bleek dat ik niet het enige DutchMQG-lid was dat zo druk aan het werk was.

Onlangs had ik gezegd dat schrijven passend bij het onderwerp niet altijd gemakkelijk is. Maar deze Improv Border Workshop vond ik eigenlijk wel passen bij architectuur: rechte lijnen, schuine lijnen, toch vrij gestructureerd bezig zijn met stroken stof. Bijna als bouwen.

Gelukkig had ik vooraf bedacht dat ik hier wel een blog over schrijven wilde. Zodoende was ik voorbereid. Mobiel helemaal opgeladen om van het scherm foto’s te maken om de voortgang later nog eens terug te kunnen zien. Stroken gesneden in verschillende diktes en kleuren. Wat was ik blij dat ik daaruit kon pakken. Want dat het zó druk zou worden had ik niet gedacht. 

Dus… luisteren, kijken, foto’s maken van het scherm, snijden, naaien, foto’s maken van eigen voortgang, strijken, naaien, luisteren, kijken….en dat alles door elkaar, voor drie uur lang. Het was véél, maar de moeite waard. Of ik ooit een improv border ga maken weet ik nu nog niet. Ik denk dat ik niet zo van de medaillonquilts ben die een rand nodig hebben. Hoewel, ik sluit niets uit. Een improv quilt met een improv rand erom zou ook wel weer apart zijn. Ik had al bedacht dat het me voornamelijk om de techniek zou gaan, altijd wat te leren. En een bredere rand kan zomaar een blok worden. Die laatste gedachte bleek achteraf te kloppen, want ik heb de volgende dag nog wat uitgeprobeerd. Daarvoor kreeg ik het idee tijdens de workshop al.

De eerste rand is een eenvoudige manier om een rand met een verspringend patroon te maken. Je hebt de keuze om heen-en-weer te verspringen of het verspringen in een getrapte schuine lijn te doen. Daarvoor moeten er drie stroken aan elkaar genaaid in de lengte en deze daarna snijden in rechte partjes van verschillende breedte. Belangrijk daarbij om de buitenste twee stroken stof niet te smal te maken. Dat geeft je meer vrijheid om te spelen. Ik heb zelf een heen-en-weer verspringende gemaakt o.a. omdat mijn stroken niet zo breed waren.

Bij een verspringende getrapte schuine lijn leg je steeds het volgende partje een gelijk deel naar onderen, dan vastnaaien, en dan de volgende, weer gelijk deel naar onderen, en vastnaaien, enz. Als alles, bij beide methodes, aan elkaar zit, snijd je overtollige stof weg zodat er een rechte buitenrand komt. ( zie de derde foto) En dan wordt het improv duidelijk omdat er een onregelmatige patroon is ontstaan.

Een andere vorm van verspringend patroon kun je maken door vooraf drie stroken op een improv golvende manier aan elkaar te naaien. Zelf vind ik deze erg leuk eruit zien en om te maken. Het is wel meer werk… maar wat heet werk, als je iets aan het doen bent wat je leuk vindt.

De gehele golvende strook wordt weer in rechte partjes gesneden, brede of smalle, maakt niet uit, wat je maar wilt. Vervolgens worden deze partjes ook weer verspringend aan elkaar genaaid. Je hebt hierbij de keuze om zelf te kiezen welk partje je pakt, het hoeft niet opvolgend te zijn. Door de golving ontstaat er toch een onregelmatige rand, en meer onregelmatig is alleen maar leuker. Althans dat vind ik. Gewoon doen wat je zelf leuk lijkt. De buitenranden even recht snijden en klaar is deze.

Ik ben enthousiast over het experiment van de dag erna. Hierbij heb ik zeven stroken, op de improv golvende manier, aan elkaar gezet. De gedachte was om er meer een blok van te maken. Nou dat lukte goed en ik vind hem erg leuk geworden. Heel bruikbaar om een hele quilt van te maken maar wel véél werk, denk ik.

Een heel andere techniek om een interessante rand te maken is een zigzag patroon maken. Daarvoor heb je twee gelijke delen, van drie stroken aan elkaar, nodig. Deze twee gelijke delen worden heel precies met de goede kanten op elkaar gelegd. Nu ga je beide delen tegelijk in schuine partjes snijden. Hoe schuiner, hoe duidelijker de zigzag zal worden. Partjes kunnen gelijk van breedte zijn dan krijg je een gelijkmatige zigzag. Of je snijdt verschillende breedtes en dan krijg je een onregelmatige zigzag. Wel belangrijk dat je steeds dezelfde schuinte aanhoudt. De twee bij elkaar horende delen worden steeds beide met de zojuist schuin gesneden zijde aan elkaar genaaid, gestreken en daarna de verschillende dubbele partjes weer verder aan elkaar waardoor het zigzag patroon duidelijk wordt. Ik koos voor een meer flauwe zigzag, weer omdat mijn stroken niet heel breed waren.

 

En nu wil ik jullie nog twee manieren uitleggen waarbij een bredere rand gemaakt kan worden die ook dienst kan doen als tafelloper, placemat, of blok. Ook nu weer verschillende kleuren en breedtes stroken aan elkaar naaien maar nu in een V vorm. Om en om een strook er aanzetten. ( zie foto hieronder links). Het is wel belangrijk om vrij snel in het proces een correcte breedte te kiezen zodat je weet op welke plaats de nieuwe stroken moeten worden genaaid. Dat voorkomt dat je veel stof moet wegsnijden bij het op maat snijden. Verder moet je bedenken of je het lage punt van de V recht onder elkaar wilt of dat ze mogen verspringen. Bij mij zijn ze versprongen. Wil je dit niet dan is het belangrijk dat je evenveel brede en smalle stroken aan elke zijde toevoegt.

De laatste manier voor een brede rand is ideaal om je geliefde scraps te gebruiken. In deze vorm zijn de delen omsloten met een dun biesje. Deze waren bij mij ¾ inch gesneden maar kan natuurlijk ook iets breder, of iets smaller. Je start met een stukje stof, snijdt een deel langs de liniaal en zet daar een biesje aan. Dan weer een stuk stof pakken, een deel langs de liniaal snijden en deze snijkant aan de andere kant van de laatst aangenaaide bies vastnaaien. De vorm van ieder deeltje wordt bepaald door de snijhoek die gekozen wordt. Zo om en om een biesje, een stuk stof, een biesje enz. In het voorbeeld op de foto hieronder gaan de hoekpunten van rechts naar links. Dat hoeft niet. Je kunt ook alles links, of rechts of in het midden houden, door de juiste snijhoek te kiezen. Ik vind het een leuk effect geven, die effen biesjes tussen de scraps.

Het zit er weer op, dit blog over improv borders. Ik hoop dat je er wat aan hebt. En? Vind je het passen bij architectuur?

Mochten er nog vragen zijn over deze randen, hoor ik het graag.

De onmogelijke stad

geschreven door Cindy Vissering

Escher-achtige figuren zijn vaak onmogelijke figuren, ze zijn wel te tekenen, maar bestaan niet in het echt. Ze maken gebruik van hoe wij lijnen op papier interpreteren tot 3D vormen. Ik vind dat altijd erg interessante afbeeldingen, dus ik kon dan ook de verleiding niet weerstaan om deel te nemen aan de mystery quilt ‘de onmogelijke stad’ van Atelier Maaike Bakker, die gebruik maakt van die technieken. 

Perspectief en parallel projectie

In het weergeven van architectuur heeft men door de eeuwen heen geleerd hoe het perspectief tekenen werkt. Echt perspectivisch tekenen met weglopende lijnen richting de horizon is echter vaak lastig, daarom tekent men meestal in parallelle projectie. Dit betekent dat de lijnen parallel getekend worden, die in het echt ook parallel lopen, maar die we in werkelijkheid niet zo zien.

Links is het perspectief, je ziet dat de daklijn en de grondlijn richting de horizon steeds dichter bij elkaar komen en dus de huisjes kleiner. Rechts is de parallelle projectie, alle huisjes zijn exact even groot. Vaak gebruikt men dit in gezichtsbedrog. Bekijk de eerste afbeelding hieronder, steeds zijn de twee lijnen naast elkaar even groot (meet maar na!), maar dat lijkt niet zo.

Onmogelijke figuren

Wanneer we de regels van het parallel tekenen kennen, kunnen we er ook mee gaan spelen. Bekijk onderstaande middelste figuur eens goed, deze kan niet in het echt gemaakt worden. Wanneer je de bovenkant en onderkant om de beurt bedekt, dan klopt dat ene deel wel. Maar de lijnen zijn halverwege ‘verkeerd’ gekoppeld. Zo heeft Maaike ook de mystery quilt ontworpen. Bekijk de foto van het prieel: de kolom die aan de voorkant het dak ondersteunt, staat aan de achterkant op de vloer. Ook hier klopt het plaatje wel wanneer je alleen boven- of onderkant bekijkt.

Deze quilt zit vol met dat soort perspectivische grappen. Overigens is het nog niet makkelijk, want die onmogelijke figuur kostte me toch wel wat inspanning om goed te tekenen, ik maakte er steeds een gewone rechthoekige vorm van.

Mystery quilt

Ik hoorde pas later van deze quiltalong, dus ik loop wat achter op de rest, die zijn al bij aflevering 11 en bijna klaar. Ik heb net aflevering 7 af. Het voordeel van wat later instappen is dat je al een beetje beeld hebt bij wat het moet worden, alhoewel ik wel getwijfeld heb of ik alvast bij de facebookgroep naar resultaten zou kijken, want de verassing gaat er dan ook af.

Ik heb gekozen voor een stad bij nacht. Daarom heb ik de donkerste en de lichtste kleur van de muren omgedraaid, om de suggestie te geven dat de onderkant van gaten in de muur voor ramen en de dakoverstekken van onderen aangelicht worden. Dat was bij de brug wel even opletten: die moet dan wel van onderen donker… Ik ben van plan om er lantarens op te appliqueren met een poel van licht. Maar goed, eerst maar eens de hele top in elkaar zetten.